6. Iedereen doet maar wat


Rick Rubin schrijft in zijn boek ‘Creatief zijn - een manier van Leven’ dat creatieve ideeën in de ether - het onstoffelijke - zitten en dat het de verantwoordelijkheid van iedereen is om ze te ontvangen en ze in de vorm van kunst in de fysieke werkelijkheid te manifesteren.

 

Deze week was ik in een boekenwinkel in Amsterdam, gewoon lekker aan het rondlopen, toen mijn oog viel op een boek zoals ik nog nooit eerder had gezien: het was een volledig wit boek met een holografische sticker en het leek alsof er geen titel op gedrukt zat. Maar toen ik het oppakte zag ik dat de titel in de zachte omslag gedrukt was: ‘chaotisch denken voor gevorderden’ van Abel van Gijlswijk. Ik had nog nooit van hem gehoord, maar het boek fascineert me. Zonder verder onderzoek te doen reken ik af en neem ik het mee naar huis.

 

In de bus onderweg naar huis begin ik met lezen. Het zijn korte verhalen waarin hij zijn gedachten beschrijft, met titels als ‘Uit chaos komt het mooiste voort’ en ‘een spiekbrief voor verlagen in de eindtijd’. De schrijfwijze, de onderwerpen en zijn mening hierover: in alles lijkt het alsof deze jongen mijn woorden op papier heeft gezet en in boekvorm heeft uitgebracht! Bizar!

 

Even baal ik ervan: ik ben te laat! Deze jongen heeft de verhalen vóór mij uit de ether gehaald en in de vorm van kunst in de fysieke realiteit gemanifesteerd! De verhalen zijn simpel geschreven, rechtstreeks uit zijn hoofd op papier. Hij heeft gewoon maar wat gedaan, zoals ik dat ook altijd doe!

 

Ik merk dat ik een beetje boos word dat hij een eigen boek heeft gepubliceerd en ik niet, maar besef me dat het niet anders kan dan dat Abel een leuke, interessante jongen is en dat ik zijn boek beter kan gebruiken als inspiratie en motivatie dan er tegenaan te schoppen en met mijn armen over elkaar te zitten als een achtjarig jongetje.

 

Uiteindelijk rijd ik mijn eigen race en ga ik ook een heel gaaf boek schrijven. Gaaf, als dit verhaal dan in het boek staat en jullie als lezers dit lezen: mijn geklaag over mijn onvermogen om een boek te schrijven, in een boek dat ik heb geschreven. Of nog beter: een heel boek dat vol staat met verhalen dat het mij niet lukt om een boek te schrijven.

 

Dat wil natuurlijk niemand lezen, dus ik ga maar weer even verder met iets anders.

 

Het is vakantie en ik zit nu met Carla in een koffiezaakje in Malaga. Picasso is hier geboren en we zijn net bij het Picasso-museum geweest. Ik vond het bezoek een frustrerende ervaring. Het was bomvol met mensen, die allemaal foto’s aan het maken waren van zijn kunst. Het was een combinatie van heel veel verschillende kunstvormen: kleiwerk, stillevens, keramiek, zwart-wit werk, realistisch en abstract werk. Heel veel saaie, grijze tonen in de schilderen. Op drie of vier heel erg goede werken na vond ik het allemaal niet zo interessant, en ik kreeg het gevoel dat hij maar wat aan het doen was.

 

Nu ik er beter over nadenk, weet ik eigenlijk wel zeker dat Picasso maar wat deed, net als die jongen van het Chaotische boek en net zoals ik!

 

Wat moet je anders doen? Gewoon die shit uit de ether halen en op je papier gooien! Of het uit het onstoffelijke kleien.

 

Waar mijn ‘frustratie’ ligt is in de erkenning die zij krijgen voor hun werk. ‘Wie zijn zij om zo veel aandacht te krijgen met hun werk, terwijl ze net als ik maar wat aan het doen zijn?’ Vraag ik mezelf dan af. Daar is dat achtjarige jaloerse kind weer.

 

Het gaat dus om erkenning.

 

Maar die kun je niet krijgen wanneer je je werk met niemand deelt. Vandaar dat ik dit nu even met jullie deel.

 

Het achtjarige jongetje met een tóch wel heel erg mooi schilderij van Picasso.